Zodra de buitentemperatuur daalt, moet de verwarmingsinstallatie weer volop aan het werk. Juist dan wil je niet geconfronteerd worden met radiatoren die niet warm worden, drukverlies, geluid in de leidingen of een installatie die regelmatig in storing valt.
Een controle vóór de start van het stookseizoen helpt problemen wanneer de installatie weer intensiever wordt gebruikt, te voorkomen. Voor installateurs en gebouwbeheerders is dit daarom een logisch moment om niet alleen de warmteopwekker, maar het volledige hydraulische systeem onder de loep te nemen.
Waar moet je op letten? Met deze vijf checks leg je een goede basis voor een betrouwbaar stookseizoen.
1. Beoordeel de kwaliteit van het systeemwater
Goed systeemwater is een belangrijke voorwaarde voor een betrouwbaar werkende verwarmingsinstallatie. In een gesloten circuit kunnen na verloop van tijd vuil, slib, corrosiedeeltjes en magnetiet ontstaan of achterblijven. Deze vervuiling circuleert door het systeem en kan zich afzetten in onder andere warmtewisselaars, pompen, regelventielen en leidingwerk. Ook lucht in het systeem kan leiden tot problemen met circulatie, geluid en warmteoverdracht.
Controleer vóór het stookseizoen daarom niet alleen of er voldoende water in de installatie aanwezig is, maar ook in welke staat het systeemwater verkeert.
Let onder andere op:
- zichtbare vervuiling of verkleuring van het systeemwater;
- de aanwezigheid van slib of magnetiet;
- signalen van lucht in de installatie, zoals borrelende geluiden;
- verminderde doorstroming of ongelijkmatige warmteafgifte.
Is het water vervuild of zijn er aanwijzingen voor corrosie? Dan is het belangrijk om eerst de oorzaak vast te stellen en waar nodig het systeem te reinigen en te behandelen. Afhankelijk van de situatie kunnen verschillende oplossingen worden ingezet, van lucht- en vuilafscheiders en filters tot producten voor het reinigen en beschermen van het systeemwater.
2. Check de systeemdruk
Een stabiele systeemdruk is belangrijk voor een goede werking van de verwarmingsinstallatie. Controleer daarom vóór het stookseizoen of de druk bij een koude installatie op het juiste niveau staat.
Let niet alleen op de actuele druk, maar ook op afwijkingen. Moet de installatie regelmatig worden bijgevuld? Daalt de druk steeds opnieuw of loopt deze tijdens het opwarmen sterk op? Dan kan er meer aan de hand zijn, bijvoorbeeld een lekkage of een probleem met het expansievat.
Controleer daarom:
- de systeemdruk bij een koude installatie;
- opvallende drukschommelingen tijdens opwarmen en afkoelen;
- of regelmatig bijvullen noodzakelijk is;
- eventuele lekkages of waterverlies.
Regelmatig bijvullen is geen structurele oplossing. Het is belangrijk om de oorzaak van het drukverlies te achterhalen.
3. Controleer het expansievat en de voordruk
Het expansievat vangt de volumeverandering van het verwarmingswater op wanneer het water opwarmt en weer afkoelt. Een goed functionerend expansievat helpt daarmee om de systeemdruk binnen de juiste grenzen te houden.
Controleer vóór het stookseizoen of het expansievat nog correct functioneert en of de voordruk juist is ingesteld. Een verkeerde voordruk of een defect expansievat kan leiden tot grote drukschommelingen, het aanspreken van het veiligheidsventiel of drukverlies nadat de installatie is afgekoeld.
Let onder andere op:
- de staat van het expansievat;
- de ingestelde voordruk;
- of het vat correct is gedimensioneerd voor de installatie;
- grote verschillen tussen koude en warme systeemdruk.
Door het expansievat tijdig te controleren, voorkom je dat drukproblemen pas zichtbaar worden wanneer de installatie tijdens het stookseizoen volop in bedrijf is.
4. Kijk de ontluchting na
Borrelende leidingen, radiatoren die bovenaan koud blijven of een pomp die hoorbaar draait: het zijn bekende signalen dat er lucht in de installatie aanwezig kan zijn.
Handmatig ontluchten kan noodzakelijk zijn, maar bij moderne verwarmingsinstallaties is het minstens zo belangrijk om te kijken hoe lucht structureel uit het systeem wordt verwijderd.
Automatische ontluchters en luchtafscheiders kunnen hierbij helpen. De positie in het systeem is daarbij belangrijk: lucht moet worden afgescheiden op plaatsen waar de omstandigheden daarvoor het meest gunstig zijn.
Controleer tijdens onderhoud daarom ook bestaande ontluchters. Zijn ze vrij van vervuiling en functioneren ze nog correct?
5. Reinig vuilafscheiders of -filters
Een vuilafscheider of -filter kan zijn werk alleen goed blijven doen wanneer hij ook wordt onderhouden.
Controleer daarom vóór het stookseizoen hoeveel vuil zich heeft verzameld en reinig de afscheider of filter indien nodig. Bij systemen met een magnetische afscheider moet ook opgehoopt magnetiet worden verwijderd.
Dit is meteen een goed moment om te beoordelen of de huidige vuilafscheiding nog past bij de installatie. Zeker wanneer een conventionele cv-installatie is uitgebreid of vervangen door bijvoorbeeld een warmtepomp, kunnen de eisen aan systeemwaterkwaliteit en doorstroming veranderen.
Caleffi heeft oplossingen voor uiteenlopende toepassingen: van compacte vuil- en magnetietafscheiders voor kleinere installaties tot oplossingen voor middelgrote en grote HVAC-installaties.
Voorkomen is eenvoudiger dan oplossen
Veel problemen die tijdens het stookseizoen zichtbaar worden, ontstaan niet op het moment van de storing zelf. Vervuiling, lucht, een verkeerde systeemdruk of een slecht functionerend expansievat kunnen zich gedurende langere tijd ontwikkelen.
Een systematische controle vóór het stookseizoen helpt om deze problemen vroegtijdig te herkennen.
Voor de installateur betekent dat minder onverwachte interventies tijdens de drukste maanden. Voor gebouwbeheerders betekent het meer bedrijfszekerheid, minder comfortklachten en beter voorspelbaar onderhoud.
En voor de gebruiker? Vooral een verwarmingssysteem dat doet wat het moet doen zodra de temperatuur daalt.
Meer weten over het voorkomen van lucht, vuil en magnetiet in verwarmingsinstallaties? Ontdek de oplossingen van Caleffi voor een betrouwbare en efficiënte werking van het systeem.